Verkeersslachtoffers

Verkeersslachtoffers

Zebra is een bondgenoot-organisatie voor jonge verkeersslachtoffers. Gesticht en gesteund door Levenslijn heeft ze de thematiek van opvang van jonge verkeersslachtoffers op de agenda geplaatst. Een bijzonder aandachtspunt vormen de NAH’s: de niet-aangeboren-hersenletsels; deze tonen zich op onverwachte wijze en op onverwachte momenten en zijn dan ook moeilijk te hanteren én door de jonge verkeersslachtoffers én door hun omgeving. Een ander cruciaal thema is de trajectbeleiding waardoor verkeersslachtoffers begeleid worden in de doolhof van hulpverlening en ondersteuning. Zebra is thans een onderdeel van Rondpunt die de thematiek van opvang van verkeersslachtoffers van welke leeftijd ook behartigt.  
 
Wanneer Levenslijn in 2002 wordt opgericht, is er in Vlaanderen geen aangepaste opvang voor jonge verkeersslachtoffers. Ziekenhuizen en revalidatiecentra doen hun werk, uiteraard, maar verder zijn de opvang en begeleiding voor kinderen beperkt en versnipperd. Ouders die met de kop tegen de muur liepen, hebben waardevolle initiatieven opgezet, maar die staan financieel onder druk. Vanaf 2002 en tot op vandaag zal het Levenslijn-Kinderfonds organisaties en overheden stimuleren om in te spelen op de noden van kinderen na een verkeersongeval, om de gevolgen ervan waar enigszins mogelijk te verzachten. Een nieuwe bondgenoot Van bij de start zet het Levenslijn-Kinderfonds de adequate opvang van jonge verkeersslachtoffers boven aan de prioriteitenlijst. Zebra werd geboren, een overkoepelende organisatie die in geen tijd uitgroeit tot een ijkpunt voor de opvang en begeleiding van jonge verkeersslachtoffers. Het is het troetelkind van het Fonds. ZEBRA, dat ondertussen is opgegaan in Rondpunt (zie pag 22), zoekt de hiaten in de hulp aan jonge verkeersslachtoffers, kijkt wie die leemtes kan vullen en welke projecten daarvoor een opstapje kunnen gebruiken. ZEBRA wil kinderen en jongeren na een ingrijpende en ontwrichtende gebeurtenis als een ongeval niet aan hun lot overlaten, niet net na de feiten, maar ook niet (lang) nadien. ZEBRA wil hun bondgenoot zijn en steunt daarom initiatieven die hen omringen met de best mogelijke zorg thuis, in het ziekenhuis, in het revalidatiecentrum, op school en in hun vrije tijd. ZEBRA helpt ouders, familie, leerkrachten, politie, artsen en hulpverleners daarbij en coördineert dit aanbod, zodat projecten elkaar aanvullen en versterken. Zo trekt ZEBRA het opvangnet rond jonge slachtoffers strakker aan.
 
Eerste hulp bij ongevallen
In de chaos vlak na een ongeval worden kinderen soms nog te veel aan hun lot overgelaten. Een goede eerste
opvang beïnvloedt hoe zij dit trauma verwerken. ZEBRA doet in 2006 met het ZEBRA-charter een oproep aan het brede publiek om op de plaats van het ongeval vijf eenvoudige tips te respecteren bij kinderen. De oproep wordt verspreid in samenwerking met overheden, organisaties en bedrijven. Zo werden deze tips ook een onderdeel van de werking van de hulpdiensten. Zo krijgen jonge slachtoffers, dankzij de ZEBRA-actie, van de interventiediensten een zebraknuffel om hen gerust te stellen (zie verder). De interventiediensten worden opgeleid om te leren hoe kinderen reageren, wat ze kunnen doen, naar wie ze kunnen doorverwijzen.
 
Door de bomen het bos
Na een verkeersongeval zien slachtoffers en hun ouders door het bos de bomen niet meer. Van alle kanten komen vragen op hen af, maar zij denken aan één ding: komt het goed met mij/mijn kind?
 
Trajectbegeleiding maakt de bomen weer zichtbaar door hen te begeleiden doorheen de hulpverlening. Trajectbegeleiding staat ook van bij het begin op de agenda van Levenslijn. Er is jaren aan gesleuteld, met de verwachtingen, de ervaringen en de noden van jonge slachtoffers als leidraad. Trajectbegeleiders zijn het vaste aanspreekpunt voor deze gezinnen, ze verwijzen door en leggen verbindingen tussen diensten en dit vooral op de cruciale momenten in het proces van genezing en re-integratie. Het moment waarop een kind de cocon van het revalidatiecentrum verlaat, de eerste keer dat het weer naar school gaat, de eerste keer dat het opnieuw alleen de fiets neemt. Er kunnen juridische knelpunten zijn of aanslepende problemen met de verzekering. De slachtoffers zijn vaak ook veranderd. Soms kunnen ze niet meer wat ze vroeger wel konden en hebben ze hulp nodig om een hobby of onderwijs op maat te vinden. Soms is er aan de buitenkant niets meer te zien, maar blijft het binnenin wringen. ZEBRA/Rondpunt heeft nu een eigen ‘Trajectbegeleiding voor gewonde kinderen of jongeren en hun omgeving na een verkeersongeval’.
 
Niet-aangeboren hersenletsels
Kinderen en jongeren die een hersenletsel oplopen in een verkeersongeval hebben vaak specifieke problemen:
motorisch, maar ook cognitief, gedragsmatig of emotioneel. Het kind is veranderd, ook al is dat op het eerste gezicht niet altijd merkbaar. De kinderen en hun ouders weten niet wat hen te wachten staat. Ze hebben hulp op maat nodig. Het is zelfs voor artsen niet altijd gemakkelijk om een diagnose te stellen van een niet-aangeboren hersenletsel (NAH), omdat het zich op heel verschillende manieren en in heel verschillende omstandigheden kan uiten. Soms worden de gevolgen ervan pas een hele tijd na het ongeval vastgesteld. Als artsen of begeleiders dan niet weten wat hen is overkomen, worden de symptomen niet met het trauma in verband gebracht en blijven kinderen met NAH onzichtbaar. Het is de verdienste van ZEBRA/Rondpunt dat het de problematiek van kinderen met een niet-aangeboren hersenletsel onder de aandacht brengt.
 
En ik?
Alle aandacht gaat na een ongeval naar het kind dat slachtoffer is, en dat is normaal. Maar er wordt wel eens vergeten dat er nog kinderen en jongeren bij betrokken zijn, die met hun verwarring en verdriet blijven zitten. Het gaat in de eerste plaats om de broers en zussen. Zij krijgen minder aandacht dan voorheen, zij willen begrijpen wat er gebeurt en zij willen iets doen voor het slachtoffer. Via projectoproepen steunt Levenslijn vernieuwende initiatieven voor de opvang en de begeleiding van deze indirecte slachtoffers. Zo is er van de hand van ZEBRA, Ouders van een Overleden Kind (OVOK), Ouders van Verongelukte Kinderen (OVK) en het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk de brochure “Voor altijd mijn zus, mijn broer.” Die helpt ouders die een kind verloren hebben bij een verkeersongeval de andere kinderen uit het gezin op te vangen. ZEBRA heeft ook het Werkboek voor broers en zussen mogelijk gemaakt, dat informatie geeft over de behandeling en ruimte om emoties te ventileren.  Er zijn nog andere indirecte betrokkenen, zoals de vriendjes op school, in de buurt of in de jeugdbeweging. Of kinderen die een ongeval hebben zien
gebeuren. Voor hen is er de Zeppe-kit die begin 2012 in een nieuw jasje werd gestoken. Hij bevat informatie en didactisch materiaal voor leerkrachten van een leerling in het kleuter- of lager onderwijs die betrokken is (geweest) bij een verkeersongeval. Sinds 2008 is er ook de Zeppe-site, een educatieve en interactieve website waar kinderen, ouders en leerkrachten kunnen lezen over de impact van een verkeersongeval en waar jonge slachtoffers herkenning en bevestiging kunnen vinden.
 
Van ZEBRA tot Rondpunt
De aandacht voor verkeersslachtoffers moet ingebakken zitten in de visie en het beleid van overheden en organisaties. ZEBRA heeft daarom altijd willen wegen op de politieke agenda, en beleidsmakers willen aanzetten tot maatregelen die de re-integratie van kinderen na een ongeval bevorderen. Zo houdt ZEBRA in 2004 en 2005 een Ronde van Vlaanderen van de provinciegouverneurs, waarbij zij zich symbolisch engageren voor de opvang van slachtoffers. In 2007 is er de Staten-Generaal voor de opvang van verkeersslachtoffers en hun nabestaanden, waar specialisten uit verschillende disciplines oplossingen aanreiken voor alle mogelijke problemen na een ongeval. De Vlaamse overheid neemt ook de handschoen op en richt in 2008 het Steunpunt voor Verkeersslachtoffers op samen met ZEBRA, Ouders van Verongelukte Kinderen en het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk. Geleidelijk groeien ZEBRA en het Steunpunt naar elkaar toe. In 2011 worden ze samen de vzw Rondpunt, voor de helft met geld van het Levenslijn-Kinderfonds, voor de andere helft met subsidies van de Vlaamse overheid. Een mooi voorbeeld van publiek-private samenwerking. Rondpunt professionaliseert de begeleiding van verkeersslachtoffers verder. Zij kunnen er terecht voor informatie en ondersteuning. Rondpunt is ook een kenniscentrum en een aanspreekpunt voor professionals. Het wil ook blijven wegen op het beleid. Binnen Rondpunt waakt ZEBRA er met de ZEBRA-acties over dat de aandacht voor jonge verkeersslachtoffers, waarrond het baanbrekend werk heeft verzet, niet verslapt.